Aanspreektitel of Aanspreekvorm

Waarom een aanspreektitel?

Bij bepaalde beroepen hoort een bepaalde aanspreektitel ook wel aanspreekvorm genoemd. Als je een formele brief opstelt is het gebruikelijk deze aanspreektitel te gebruiken. De tabel met aanspreektitels helpt je bij het samenstellen van de juiste aanhef boven jouw brief. De titel kan worden bepaald door het beroep. Zo schrijven we aan een rechter in een rechtbank: aan de edelachtbare heer mr. F. Visser.
Maar zit diezelfde mr. F. Visser nu als raadsheer bij het gerechtshof dan schrijven we: aan de edelgrootachtbare heer mr. F. Visser. Aasnpreektitel Rijdende rechter

Hoe bouw je een aanspreektitel op?

Een correcte aanhef boven een brief ziet er dus in schema als volgt uit:
1. “aanspreektitel”
2. gevolgd door heer of mevrouw
3. de titel
4. de achternaam
Een voorbeeld is: (1) Aan de weledelgestrenge (2) heer (3) mr. (4) J.H. de Boer. In een wat ouderwetse variant schrijf je in plaats van mevrouw het woord “vrouwe”.

Dagelijks spraakgebruik

In het algemeen worden aanspreekvormen in het Nederlands steeds minder gebruikt. Zelfs traditionele beroepen zoals advocaten en notarissen maken er minder gebruik van. Onderling spreken advocaten elkaar nog wel vaak aan met oubollige termen als “amice”, maar ook dat is uitstervend. Je kunt best een advocaat aanschrijven met, geachte heer of mevrouw. Bij het schrijven van brieven aan de rechterlijke macht en andere formele stukken is het toch nog redelijk gebruikelijk om wel de aanspreektitel te hanteren.

Titulatuur

Om je op weg te helpen, hebben wij de belangrijkste juridische functies en titels in kaart gebracht, met de daarbij behorende aanspreektitels. Je kan ze eenvoudig opzoeken en gebruiken.
Wil je alle aanspreektitels terugvinden dan kun je het beste even kijken op WikiPedia.

0